Vlindereitjes tellen op de hei
Op het Dwingelderveld leeft een van de grootste populaties van een zeldzaam vlindertje, het gentiaanblauwtje.
Deze prachtige, kwetsbare soort stelt extreem hoge eisen aan zijn leefomgeving en heeft een fascinerende, complexe levenscyclus. De vlinder is volledig afhankelijk van niet 1, maar 2 andere organismen; namelijk klokjesgentianen en knoopmieren, een dubbelsymbiose dus! Om in de gaten te houden hoe de populatie gentiaanblauwtjes zich ontwikkelt, worden jaarlijks in de zomer de eitjes geteld. Zo ook dit jaar.
Het gentiaanblauwtje is de afgelopen decennia met meer dan 80% achteruitgegaan en in provincies als Utrecht en Limburg zelfs geheel verdwenen. Dit brengt voor de beheereenheid Zuid- Drenthe van Natuurmonumenten, die het Dwingelderveld beheert, een enorme verantwoordelijkheid met zich mee. Natuurmonumenten voert een uitgekiend beheer en zet volop in op vernatting en creëren van openheid in de vegetatie. Dit gebeurt o.a. door kleinschalig te maaien, handmatig te plaggen en te begrazen met schapen.
Van half juli tot half augustus is de piekperiode van het jaar om gegevens te verzamelen over dit beheer. Maar liefst 4 weken lang trekken tientallen vrijwilligers en boswachters de hei op om systematisch de stengels van de klokjesgentiaan te tellen. Tevens registreren zij nauwkeurig de minuscule eitjes die de vlinders erop afzetten. Deze gigantische operatie levert cruciale inzichten op om het beheer telkens weer te verfijnen en deze iconische heidebewoner voor de toekomst te bewaren.

Gentiaanblauwtje op klokjesgentiaan. De kleine witte stipjes zijn de eitjes van deze vlinder.

De tellers aan het werk
